
Bij de keuze van verlichting voor een kantoor, klaslokaal of winkel telt meer dan de lichtopbrengst. Een ruimte kan voldoende verlicht zijn en toch onprettig aanvoelen doordat armaturen hinderlijk in het gezichtsveld staan. De UGR-waarde helpt om die directe verblinding te beoordelen. Wat betekenen UGR<19, UGR<22 en UGR<25 in de praktijk, en welke waarde past bij jouw project?
UGR staat voor Unified Glare Rating. De methode beoordeelt hinderlijke directe verblinding door een verlichtingsinstallatie. Een lagere berekende waarde betekent minder verblindingshinder onder de beoordeelde omstandigheden. UGR zegt niet hoeveel licht op een werkvlak terechtkomt: daarvoor gebruik je lux.
De uitkomst hangt samen met de luminantie en lichtverdeling van de armaturen, hun positie ten opzichte van de kijker en de helderheid van de achtergrond. Ook de ruimteafmetingen, montagehoogte, reflectie-eigenschappen en kijkrichting tellen mee. Hetzelfde armatuur kan daardoor in verschillende opstellingen een andere UGR-uitkomst geven.
De gebruikelijke UGR-schaal kent stappen zoals 16, 19, 22, 25 en 28. De aanduidingen UGR<19, UGR<22 en UGR<25 kom je vooral tegen bij productspecificaties. Daarbij betekent het teken < letterlijk ‘kleiner dan’. In normtabellen staat doorgaans een maximale grenswaarde, UGRL: bij een grens van 19 mag de beoordeelde installatie die waarde niet overschrijden.
Onderstaande vergelijking koppelt de drie veelgebruikte productaanduidingen aan voorbeelden van taakgebonden grenswaarden uit EN 12464-1. Het is een selectiehulp; controleer voor het project de exacte activiteit en toepasselijke normtabel.
UGR-aanduiding | Voorbeelden van UGR-grenzen | Aandachtspunt |
UGR<19 | Maximaal 19: kantoorwerk, vergaderen, klaslokalen, kassawerkplekken | Controleer de werkplekken, kijkrichtingen en reflecties. |
UGR<22 | Maximaal 22: algemene verkoopruimtes en receptiebalies | Beoordeel vaste werkplekken afzonderlijk. |
UGR<25 | Maximaal 25: opslagruimtes en trappen | Pas deze grens niet automatisch toe op werkzones. |
Een armatuur met UGR<25 is dus geen automatische keuze voor iedere bedrijfsruimte. Evenmin is UGR<22 voldoende voor een werkplek waarvoor een maximale waarde van 19 geldt. Een productaanduiding blijft bovendien afhankelijk van de referentiecondities waarop deze is gebaseerd.
Voor lezen, schrijven, gegevensverwerking en vergaderen geldt in de geraadpleegde normoverzichten een UGR-grens van 19. Beoordeel de verlichting vanuit de werkplekken en hun kijkrichtingen. Alleen een gelijkmatig raster op de plafondtekening is onvoldoende om te bepalen hoe medewerkers de verlichting ervaren.
Voor systeemplafonds kun je LED-panelen vergelijken op hun UGR-specificatie en lichtverdeling. Bij beeldschermwerk vraagt ook spiegeling van armaturen in schermen aandacht. UGR beoordeelt directe verblinding; reflectiehinder moet afzonderlijk worden meegenomen.
Ook voor klaslokalen, collegezalen en computerlokalen wordt een maximale UGR-waarde van 19 genoemd. Kijk daarbij naar de posities van leerlingen én de docent. De blik verschuift immers tussen werkblad, bord en presentatie. Controleer naast de algemene verlichting ook de verlichting van het bordvlak en eventuele reflecties daarop.
Een schoolgebouw heeft verschillende ruimtefuncties. De grens voor een klaslokaal kun je daarom niet zonder meer toepassen op een gymzaal, opslagruimte of trap. Selecteer de juiste eisen per activiteit in plaats van één waarde voor het hele gebouw.
Voor algemene verkoopruimtes en receptiebalies wordt een UGR-grens van 22 genoemd. Kassawerkplekken en inpakbalies kennen in de geraadpleegde overzichten een grens van 19. Dat onderscheid is relevant bij een winkelproject: een armatuur dat voor de verkoopvloer wordt geselecteerd, is daarmee nog niet beoordeeld voor langdurig werk aan de kassa.
Neem ook accentverlichting mee in het lichtplan wanneer die in het gezichtsveld van medewerkers of bezoekers staat.
Een maximale UGR-waarde van 25 komt onder meer voor bij opslagruimtes en trappen. Dat betekent niet dat 25 passend is voor alle taken in een magazijn. Een vaste werkplek voor lezen, controle of orderverwerking vraagt een afzonderlijke beoordeling op basis van de werkzaamheden.
Een lage UGR-waarde vervangt de overige verlichtingseisen niet. Controleer ook de verlichtingssterkte op het werkvlak, gelijkmatigheid, kleurweergave en passende kleurtemperatuur. Meer lumen of een hogere kleurtemperatuur betekent op zichzelf geen betere verblindingsbeperking. Meer hierover lees je in De juiste kleurtemperatuur voor elke werkruimte.
Begin dus bij de taak, selecteer passende armaturen en toets de volledige opstelling. Zo beoordeel je LED-panelen, downlights en pendelarmaturen op hun bijdrage aan de ruimte, in plaats van uitsluitend op één getal in de productspecificaties.

